Notitie voor: Neeltje Reijers van Bitterschoten

In 1686 eist Neeltjen Reijers, mede namens haar dochter Marija Gijsbertsen, eigenaresse van een vierde deel van Kleijn Schadijck, geassisteerd door Willem Reijersen, momber en Christoffel Bouwmeijster betaling van turf en hout, vergoeding van balk- en bergslieten en mest en f 25,= pachtschuld van Jan Cornelissen, de bruiker van Kleijn Schadijck, mede namens Gijsbert Jacobsen van Coudijs, Jan Cornelissen, op Vlastuijn en Gijsbert Cornelissen, op Lambalgen, borg: Peter Rijcksen, op Breschoten.