Notitie voor: Adam III van Lockhorst

Hij liet zijne goederen na aan zijn kleinzoon Adam, zoon van zijn overleden zoon Adam, onder voogdij van zijn 2en zoon Johan.
Oudste soone van Johan ware van gecomen souden sijn als de memorien van den huse van Lochorst vermelden.
1254 Febr. 22. Giselbertus (de Goye) onder de Ridders, getuige voor biss. Henrieus bij de beslechting van een geschil tusschen de ridders Johannes en Adam de Lochorst (sijne soonen).
Lockhorst wordt voor het eerst in 1254 genoemd, als curtis of hof van de St. Paulusabdij, en werd samen met het dagelijks gerecht in leen gehouden door Adam van Lockhorst.
Behalve de hof en heerlijkheid Lockhorst bezaten de Van Lockhorsten goederen te Leusden, de tienden in Eemnes, Eembrugge en het Woud, bij Woudenberg, en de lagere jurisdictie te Soest, Hees, Emiclaer en Scherpenzeel.